VAWO Vakbond voor de wetenschap

Buurlanden lijken hun wetenschappers slechter te betalen

Allerlei factoren vertroebelen internationale

vergelijking

In vergelijking met buurlanden lijken wetenschappers in Nederland niet slecht betaald te worden. Dat komt naar voren uit een onderzoek *) door SEO, de Stichting voor Economisch Onderzoek der Universiteit van Amsterdam. Maar er zijn vele factoren die het beeld vertroebelen.

 

In opdracht van het sociaal fonds voor de kennissector Sofokles maakte SEO de internationale vergelijking. Dit onderzoek leert in de eerste plaats dat zo’n vergelijking heel moeilijk te maken is.

De gewone salarissen zijn nog wel redelijk te vergelijken. Ze kunnen gecorrigeerd worden voor verschillen in belastingheffing en levensstandaard. Maar er zijn verschillen in functieprofielen en ook uiteenlopende aanvullende arbeidsvoorwaarden, die soms wel maar niet altijd in geld kunnen worden uitgedrukt.

Uit de hardste cijfers komt naar voren dat Nederlandse wetenschappers weliswaar een stuk minder verdienen dat hun collega’s in de VS, Groot-Brittannië en Zwitserland, maar redelijk wat meer dan die in de buurlanden. Daar komt nog bij dat zij via wet en CAO vakantiegeld en een eindejaarsuitkering krijgen, wat verder alleen in vergelijkbare mate in België gebeurt. Maar de inkomenseffecten van de regelingen voor ziektekosten, kinderbijslag, pensioenlasten en reis- en beroepskosten heeft SEO niet kunnen becijferen, terwijl men in Nederland op die punten beduidend minder af lijkt dan in onze buurlanden.

Toeslagen

Een vergelijking met Duitsland is al bijzonder moeilijk, omdat daar allerlei toeslagen worden gegeven, sommige gebaseerd op prestaties, andere op de gezinssituatie of op het gegeven dat een werknemer vanuit buitenland komt om een functie te vervullen. Verder liggen de salarissen in het oosten van Duitsland een stuk lager dan in het westen en is er bovendien net een nieuw beloningssysteem ingevoerd, terwijl het oude systeem ook nog wordt gehanteerd.

De uitkomsten van het onderzoek moeten dus met grote omzichtigheid worden geïnterpreteerd.

In ieder geval kan niet duidelijk worden geconstateerd dat in vergelijking met een aantal buurlanden wetenschappers in Nederland slecht af zijn. Het tegendeel evenmin.

Basissalarissen

SEO heeft de beloning onderzocht van UD’s, UHD’s en hoogleraren in Nederland en de functies die daar min of meer mee overeenkomen in België, Duitsland, Frankrijk, Groot-Brittannië, de Verenigde Staten, Zweden en Zwitserland. In Groot-Brittannië en de VS heeft SEO dan nog een aparte categorie van topuniversiteiten onderscheiden.

Uitgangspunt zijn de basissalarissen (exclusief toeslagen, vakantiegeld, eindejaarsuitkering of wat dies meer zij), gecorrigeerd voor koopkracht- en belastingverschillen.

Op dit punt is een UD in Zwitserland (daar Wissenschaftlicher Mitarbeiter of Assistenzprofessor geheten) verreweg het beste af met, na de correcties, een netto jaarsalaris van gemiddeld € 60.158. Op respectabele afstand volgen de VS en Groot-Brittannië (van € 49.302 bij Amerikaanse topinstellingen tot € 37.424 bij een gewone Britse universiteit). Dan komt de Nederlandse UD met gemiddeld € 30.609. België zit daar redelijk dicht op (€ 29.244), maar Duitsland (€ 24.492), Frankrijk (€ 23.546) en Zweden (€ 22.274) betalen dergelijke functionarissen een aanzienlijk slechter basissalaris.

Bij de UHD’s is het beeld ongeveer hetzelfde. Ook hier gaat Zwitserland aan kop (€69.118), gevolgd door de VS en Groot-Brittannië (€ 57.142 tot € 44.932).Nederland scoort opnieuw het best van de rest (€ 37.991), voor België (€ 33.778), Duitsland (€ 30.383), Frankrijk (€ 29.316) en Zweden (€ 26.353). Een UD in Nederland heeft dus een hoger basissalaris dan de UHD-equivalenten in Duitsland, Frankrijk en Zweden! Alleen: dat basissalaris vertelt niet het hele verhaal.

Als hoogleraar kun je het beste aan een Amerikaanse (€ 87.772) of Britse (€ 82.464) topuniversiteit werken. Hier komt Zwitserland in de SEO-vergelijking op de derde plaats (€ 78.068), gevolgd door de andere Amerikaanse en Britse instellingen (€ 60.801. resp. € 60.314). In Nederland komt een hoogleraar gemiddeld aan € 46.180. België (€38.509), Frankrijk (€37.118), Duitsland (€ 34.657) en Zweden (€31.639) volgen op respectabele afstand.

Bedrieglijk

Deze cijfers zijn bedrieglijk, omdat met allerlei toeslagen op de salarissen nog geen rekening is gehouden. Vooral Duitsland is zoals gezegd een geval apart, omdat daar met vele individuele toeslagen wordt gewerkt. Opvallend is nog dat België na loonheffing lagere salarissen betaalt dan Nederland, hoewel de bruto salarissen er hoger liggen. De belastingtarieven bij de zuiderburen zijn relatief hoog.

Wetenschappers in Nederland hebben het voordeel dat in wet en CAO is vastgelegd dat zij naast hun salaris 8% vakantiegeld, respectievelijk 3% eindejaarsuitkering krijgen. Alleen België is wat dit betreft vergelijkbaar. In Duitsland krijgt bijna iedereen wel een eindejaarsbonus en soms loopt die hoog op. In Groot-Brittannië is een dergelijke bonus eerder uitzondering.

Verder gaat de internationale vergelijking zwaar mank door grote verschillen in regelingen voor met name ziektekosten, kinderbijslag, pensioenen en reis- en beroepskosten. Het SEO-onderzoek slaagt er niet in de effecten daarvan ook maar enigszins te becijferen. Duidelijk is wel dat men voor wat betreft de ziektekosten in Duitsland en België goed af is, en voor wat betreft een eigen bijdrage aan de pensioenopbouw in Duitsland, Frankrijk en in mindere mate België.

Onderwijsbelasting

Bij de secundaire arbeidsvoorwaarden signaleren we verder nog dat in Groot-Brittannië en Zweden toeslagen (tot 30%) worden betaald voor het vervullen van bestuurlijke functies, dat men in de VS in de zomermaanden ruim tijd heeft om bij te klussen op bijvoorbeeld Summer Schools, en dat – immaterieel – in Zwitserland en vooral Frankrijk de onderwijsbelasting van de Mitarbeiter, maîtres de conférence en professoren sterk begrensd zijn.

SEO rapporteert voorts nog over (een in vele opzichten beperkte) enquête, waaruit naar voren komt 50% van de Nederlandse respondenten vindt dat zij genoeg carrièremogelijkheden hebben. Dat is ongeveer drie keer zoveel als in Duitsland. Voor wat het waard is, want de respondenten zijn allemaal UD of hoger.

 

*) E. Berkhout, M. Biermans, W. Salverda, K. Tijdens: Internationale beloningsverschillen van wetenschappelijk personeel. SEO-rapport 981, in opdracht van Stichting Sofokles.