Narratief

Er gaat een nieuwe wind waaien door academisch Nederland. Als het aan de verenigde universiteiten, de subsidieverstrekkers en de KNAW ligt, komt er ‘ruimte voor ieders talent’.

Niet te makkelijk

Sinds een kleine dertig jaar zijn er in Nederland universitaire medewerkers die op eloquente wijze de misstanden aan de alma mater aan de kaak stellen, te beginnen met Chris Lorenz’ Van het universitaire front geen nieuws.

Van groene collectebus naar blauwe envelop

Enkele maanden geleden kondigde de VU aan de studie Nederlands niet langer te gaan aanbieden. Het aantal eerstejaars was tot een handvol studenten gedaald. Het zal de VU waarschijnlijk niet hebben verbaasd dat dit leidde tot maatschappelijke en politieke ophef. Sluiten van opleidingen levert immers wel vaker commotie op. De (vermeende) symbolische betekenis van het verdwijnen van één van de opleidingen Nederlands uit het Nederlandse universitaire landschap bleef daarbij niet onopgemerkt.

Het zijn net mensen

De wederwaardigheden van Patricia Westerford hadden goed als casus kunnen dienen in het zojuist verschenen rapport Harassment in Dutch Academia. Onbedoeld laat dit onthutsende document zich lezen als een handleiding ‘Hoe saboteer ik iemands carrière?’. Je kunt dat doen door iemands werk en prestaties te negeren en bevordering te dwarsbomen, maar je kunt ook op de persoon spelen, door structureel treiteren, denigreren, intimideren en ‘grapjes’ maken op het seksuele vlak.

Werkdruk

Werkdruk, kent u die uitdrukking? Dominee Gremdaat zou nu ongetwijfeld losbarsten in een tirade over meedogenloze managers en ultieme uitbuiting, en vervolgens vragen: maar wat doet u zélf aan die werkdruk? Geen verkeerde vraag. Het venijn van werkdruk zit niet in de hoeveelheid taken en uren, maar in macht en onmacht, of beter nog:

“Hoe komt u eigenlijk bij dit onderwerp?”

Het is zover: recent viel mijn promotieonderzoek, gecondenseerd in 200 pagina’s digitaal papier, door de gleuf van de digitale brievenbus van de beoordelingscommissie. Het is nu aan deze commissie om te beoordelen of mijn proefschrift voldoende blijk geeft van mijn ontwikkeling tot zelfstandig onderzoeker.